In Bourgogne is pinot noir op zijn verfijndst. De Côte de Nuits en Côte de Beaune vormen een smalle helling met een lappendeken van wijngaarden, ingedeeld van regionaal tot grand cru. De wijnen zijn licht tot middelvol, met kers, framboos, aardbei, viooltjes en een fijne zuurgraad. Met rijping komen paddenstoel, bosgrond en wild. Eikenhout wordt meestal subtiel ingezet.